Posts tonen met het label Columns. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Columns. Alle posts tonen

vrijdag 8 augustus 2008

Column: Rokersromantiek


Vanaf 1 juli 2008 wordt de horeca in Nederland rookvrij. Pas de laatste weken hoor je protesten tegen het verbod. Het zijn weer die verstokte rokers die kosten wat het kost hun vieze en ongezonde lucht aan anderen willen blijven opdringen. Ze zien het als een soort grondrecht om in het openbaar een sigaret op te mogen steken. Pathetisch boos worden ze wanneer hun het recht op kanker wordt ontzegd. Men zit alweer te broeden op flauwe oplossingen om het verbod te omzeilen: een café moet een club worden waar je - als je lid bent - wel mag blijven paffen. Ach, hoe inventief worden die rokers plotseling wanneer het roken wordt bedreigd. Waren ze maar zo inventief om een manier te vinden om te stoppen. Eigenlijk zijn ze zielig want ze zijn verslaafd....

Hoe anders gaat het in Frankrijk: daar staan groepjes buiten cafés en restaurants hun sigaretjes te paffen. Zonder te morren of te protesteren. En dat in het land van de Gaulloises en de Gitanes! Wat een verademing moet dat zijn voor een niet-roker als ik (eigenlijk ex-roker en dat zijn de ergsten) om na een avondje stappen niet meer je kleren te hoeven luchten. En wat zalig dat je niet meer schor van andermans nicotine thuiskomt. De roker staat op straat in de kou te kleumen, de niet-roker zit lekker warm binnen aan een glaasje wijn. Kijk ze eens staan die rokers, eindelijk buitengesloten.

Maar laat ik het als ex-roker toch nog een beetje opnemen voor die viezeriken. Want - en daar heb ik nog niemand over gehoord - met het uitsterven en wegjagen van de roker verdwijnen er ook een paar ‘omgangsvormen’ definitief uit het café. Zoals de overbekende contactmaker: ‘Heb je misschien een sigaret voor me?’ Of de variant op hetzelfde thema: ‘Heb je misschien een vuurtje voor me?’  
Na het eerste contact, kon er samen flink worden gepaft. En wat kon dat mooi zijn. Ik zie het nog voor me (opa zit weer op zijn praatstoel): de manier waarop ze haar mond tuitte en de rook uitblies, of de sigaret sierlijk tussen haar vingers. Als ze je echt leuk vond dan blies ze een dikke rookwalm recht in je gezicht - een rooksignaal dat bijna de sensatie van een eerste aanraking had. Na wat afspraakjes volgde misschien de ultieme sigaret. Niet in het café, maar thuis - samen liggend op bed, na afloop van de echte aanraking. 
Uitstervende rokersromantiek.

maandag 21 juli 2008

Lekker weg in eigen land!


Ze zijn onuitroeibaar: vakantiegangers die de zomer in Nederland doorbrengen en altijd beweren dat ze prachtig weer hebben gehad. Beetje zielige types (wat zijn ze nog wit!), een soort positivo’s die je vanwege hun optimistische levenshouding eigenlijk moet koesteren. Niet mee in discussie gaan, laat ze in hun waan.

Terwijl ik ergens aan de Middellandse Zee in de zon lig te bakken, lopen zij op hun Crocs door de modder te banjeren op een - peperdure - Nederlandse camping. Goed ingepakt in die sexloze fleecevesten met daaronder die oncharmante afritsbroek die nooit afgeritst wordt omdat het te koud is. En die kids maar jengelen in de caravan. Opeengepropt zitten ze in die benauwde ruimte - ‘Ramen dicht jongens anders regent het naar binnen!’ - aan het zoveelste spelletje ‘Mens erger je niet’. ‘Mens erger je niet! Mogen we misschien? We zijn gvd al twee weken niet meer buiten geweest!’, hoor je die kids denken.

Mijn advies: blijf niet in Nederland, koppel je sleurhut achter de auto en rij plankgas naar het zuiden. Gooi die zak met smakeloze aardappels onderweg uit het autoraam en doe je deze zomer nou eens tegoed aan paella, calamaris of tzatziki. Eenmaal aangekomen in het zuiden kun je eindelijk ook eens die afritsbroek afritsen, krijgen die dikke witte benen ook eens een gezonde kleur. Lekker weg uit eigen land!

dinsdag 5 december 2006

Column: Wat is er mis met een pyjamadag?


Tijdens de campagne voor de Tweede Kamerverkiezingen hoorde ik Wouter Bos een paar keer ageren tegen de zogenaamde pyjamadag in verzorgingstehuizen. Voor degenen die het niet weten: de pyjamadag houdt in dat bejaarden wegens tijdgebrek van het personeel een paar dagen per jaar niet worden aangekleed zodat zij noodgedwongen de dag in pyjama moeten doorbrengen. Een schande in onze verzorginsstaat, vindt Wouter Bos. Natuurlijk is het niet leuk als je - tegen je zin - de hele dag in pyjama achter je looprek moet blijven rondlopen (of moet rondrijden op je rollator), daar ben ik het volledig mee eens. Maar zelf zou ik er niet zo veel problemen mee hebben.
Ik neem nl. al jaren zo nu en dan een pyjamadag. Heerlijk! Ik beschouw het overdag aanhouden van de pyjama als een vorm van protest. (Lezers die zijn opgegroeid in de jaren zestig fronsen nu hun wenkbrauwen.) Op die dag heb ik nl. even geen zin in de dagelijkse werkdrukte vol stress en zeurende collega’s. Of het slechte weer doet mij ’s ochtends besluiten om maar eens een dagje - in pyjama - binnen te blijven. Ik nestel me dan op de bank met een stapeltje boeken en kranten. De telefoon gaat eruit, want we hebben geen zin in contact met de ‘buitenwereld’. Maar van lezen word je moe dus duik ik zo nu en dan terug in bed om even een dutje te doen. En welk kledingsstuk past het best bij zo’n dag waarbij slapen wordt afgewisseld door eten en lezen? Niet die stugge harde spijkerbroek natuurlijk, nee de pyjama! Het ideale ‘vrijetijdspak’ om thuis in rond te lopen. Heerlijk die warme zachte stof. En wat een vrolijke en chique dessins hebben die pyjama’s, veel mooier dan die ordinaire slechtzittende flubberreet joggingpakken waar sommigen thuis in rondsjokken. 
Het is niet voor het eerst dat de pyjama het moet ontgelden. In de jaren zestig werd de pyjama volgens mij voor het eerst bestempeld met een negatief imago. De pyjama werd toen oubollig gevonden door de naar de macht grijpende generatie die liever bloot het bed indook. Ik ben benieuwd of ze dat nog steeds doen, bloot het bed induiken. Ze hebben nu immers de leeftijd bereikt dat sommigen na een nachtelijk plasje nog lang blijven nadruppelen. Niet zo fris om dan textielloos terug in bed te kruipen. 
De jongste generaties trekken zich gelukkig niets aan van het negatieve zestiger jaren imago van de pyjama, of ze hebben er geen weet van. Het bewijs daarvoor is te vinden in de H&M; de kledingwinkel waar vooral jongeren vrolijk rondshoppen (leve het consumeren!) Complete rekken zijn volgehangen met pyjama’s. Het zijn geen Victor en Rolfjes maar ze zien er wel modieus en hip uit. Afgelopen week heb ik er nog twee aangeschaft, en ze zitten heerlijk, ik kan ze iedereen aanbevelen.
Het echte Walhalla van de pyjamaliefhebber is... China! In verschillende steden kun je daar mensen gekleed in pyjama op straat zien rondlopen of fietsen. Uit een onderzoek dat is gehouden in Shanghai blijkt dat 16 procent van de ondervraagden regelmatig in een pyjama in het openbaar verschijnt of familieleden heeft die zich daar ‘schuldig’ (niet mijn woordkeuze) aan maken. Een kwart van de geënquêteerden zegt zelf regelmatig in nachtkleding de straat op te gaan. 
(bron NRC).
Het gaat mij te ver om de straat op te gaan in pyjama, ik beschouw de pyjama immers als de ideale binnenoutfit. Maar goed, iedereen moet doen waar die zin in heeft, dus waarom niet in pyjama naar buiten? Even snel voor een boodschapje, maar dan weer gauw naar binnen. Terug in bed en de telefoon eruit!
Heerlijk zo’n pyjamadag!