maandag 12 oktober 2009

La Linea


Terug naar de 'animatie-eenvoud' met La Linea, het uit één lijn getekende, sarcastisch lachende poppetje. Eenvoudig idee, dat perfect is uitgevoerd.
Het figuurtje dat een brabbeltaaltje spreekt (of is het Italiaans?), zich kwaad maakt en vaak moet lachen, neemt het bijna altijd op tegen zijn schepper, de tekenaar wiens hand tijdens de filmpjes in beeld verschijnt. De animatiefilmpjes zijn kleine tijdloze meesterwerkjes, ook in het hedendaagse tijdperk van ‘digitale perfectie’. Bekijk ze op You Tube.

maandag 5 oktober 2009

Stevie Smith: Not waving but drowning


Not waving but drowning

Nobody heard him, the dead man,
But still he lay moaning:
I was much further out than you thought
And not waving but drowning.

Poor cheap, he always loved larking
And now he's dead
It must have been too cold for him his heart gave way,
They said.

Oh, no no no, it was too cold always
(Still the dead one lay moaning)
I was much too far out all my life
And not waving but drowning.

Stevie Smith


Mooi gedicht uit de door Henny Vrienten samengestelde poëziebloemlezing Zwaan kleef aan. Het leuke van deze bloemlezing is dat er bij elk gedicht een korte toelichting cq uitleg staat, geschreven door Henny himself. Not waving but drowning gaat over 'de paljas', 'de grappenmaker'. Een aandachttrekker die altijd leuk doet maar eigenlijk zijn leven lang eenzaam is. Als een zwaaiende zwemmer in zee, die niet zwaait maar om hulp roept en langzaam verdrinkt. Poëzieverslinder Henny Vrienten legt het beter uit, lezen dus die bundel.


Ik zwaaide niet maar verdronk

Niemand hoorde hem, de dode,
Hoewel zijn klacht nog steeds weerklonk:
Ik was veel verder in zee dan je dacht
En ik zwaaide niet maar verdronk.

Arme kerel, steeds voor een grapje klaar
En nu is hij heen
Zijn hart zal wel van de kou bezweken zijn,
Zei iedereen.

Ach nee nee nee, het was altijd te koud
(Zei zijn klacht die nog steeds weerklonk)
Ik was mijn hele leven al te ver
En ik zwaaide niet maar verdronk.

Vertaling Paul Claes

• Henny Vrienten: Zwaan kleef aan

zondag 4 oktober 2009

Christiaan Kuitwaard


Mooie olieverfschilderijen van Christiaan Kuitwaard in galerie Eewal. Herfst en winterbeelden geschilderd in dezelfde tinten. Ook de stillevens zijn mooi. Verstilde beelden van borden, kopjes en schotels. Perfect geometrisch geschilderd met een mooie lichtval. Over de meeste doeken lijkt een soort waas te liggen wat ze een beetje abstract maakt, alsof je met toegeknepen ogen naar de afbeeldingen kijkt. Nog tot en met zaterdag te zien.

• Christiaan Kuitwaard
• Galerie Eewal







zondag 13 september 2009

Uit het dagboek van een vader: de verroestte speelplaats


Als vader kom je met je kids op verschillende speelplaatsen. Je hebt zo je favorieten, waar je in de zon aan de rand van de zandbak rustig je krantje leest, een broodje eet en ondertussen je kroost in de gaten houdt. Alles klopt op zo’n plek, de zon schijnt, de speeltoestellen zijn leuk en veilig en zo nu en dan babbel je wat met andere vaders en moeders, het zijn speelplaatsen waar je je op je gemak voelt en waar een gemoedelijke sfeer heerst.

Maar er zijn ook speelplaatsen waar je treurig wordt, je voelt je een beetje unheimisch. De speeltoestellen zijn verouderd en vertonen roestplekken. Sommige dingen zijn kapot, afgebroken, gesloopt, beklad. Die kids hebben dat niet in de gaten, die spelen overal, maar jij wilt eigenlijk zo snel mogelijk weer met ze weg, je wilt ze meenemen van die rare plek die je een droevig gevoel geeft omdat alles zo verroest, zo verlaten en zo vervallen is...









zaterdag 12 september 2009

Dans! (3) Wij willen walsen!



De wals: een dans met een - helaas - fout imago. Dat komt misschien omdat de wals in de klassieke muziek onlosmakelijk is verbonden met Johann Strauss, een componist die bekend staat om zijn goedkope klanken, nowadays worldwide aan Jan en Alleman gebracht door André Rieu. De driekwartsmaat als maat voor slechte smaak, zullen we maar zeggen. En dat is jammer want de wals kan ook heel mooi zijn, vooral wanneer popmuzikanten er mee aan de haal gaan.

Maar eerst iets over de dans zelf. Want ik heb een verleden met de wals en misschien ligt daar de oorzaak voor mijn walsliefde. Ik heb hem ooit ergens geleerd in Zuid-Frankrijk, ‘s avonds op een dorpspleintje van een mooie Francaise. Echt moeilijk is hij niet en een paar pasjes waren genoeg om ‘toute la nuit’ te blijven zwieren op de muziek van het dorpsorkest. Aah, those were the days...

In de popmuziek wordt ongemerkt ook wat afgewalst. En niet door de minsten. Want op de net verschenen cd ‘Wooden Arms’ van Patrick Watson staan twee meeslepende driekwartsmaten. Anders dan in de klassieke muziek heeft de wals in de popmuziek vaak een melancholische ondertoon. Een beetje weemoedig word je ervan als je er naar luistert. Is ‘t toeval dat ik het mooie nummers vind? Of ben ik gewoon een onvervalste walsliefhebber? Ik denk het laatste, en hoop het laatste, ik schaam mij er niet voor dus laat mij maar walsen, walsen, walsen...

• Patrick Watson: Wooden Arms

vrijdag 11 september 2009

Een foto van 11 september


Een foto van 11 september

Ze sprongen uit de brandende etages naar beneden -
een, twee, nog een paar
hoger, lager.

Een foto hield ze levend tegen
en bewaart ze nu
boven de aarde naar de aarde toe.

Elk van hen is nog een geheel
met een persoonlijk gezicht
en bloed dat goed verborgen is.

Er is tijd genoeg,
voor het haar om los te waaien,
voor de sleutels en het kleingeld
om uit de zakken te vallen.

Ze zijn nog steeds in het bereik van de lucht,
binnen de kring van de plekken
die net zijn opengegaan.

Ik kan maar twee dingen voor hen doen -
die vlucht beschrijven
en geen laatste zin toevoegen.

Wisława Szymborska – Het Moment
Meulenhoff, Antwerpen 2006; 48 blz.; € 9,90
ISBN 90 2907 732 8

woensdag 9 september 2009

Patrick Watson


Dit is mooi: Patrick Watson, met het nummer Fireweed van zijn laatste cd Wooden Arms, een klein meesterwerkje. Eind november treedt hij op in Paradiso, ik heb een kaartje en ben benieuwd.

• Patrick Watson: Fireweed

donderdag 13 augustus 2009

De grote sympathieke luchtsigaar


Op weblog sfweekly is een mooie fotoreportage te zien over de luchtdoop van zeppelin ‘Eureka’. Het was voor het eerst in 71 jaar dat er in de VS weer een zeppelin door de lucht vloog. Het luchtschip is jarenlang uit de gratie geweest, er gebeurde teveel ongelukken mee (luister ook naar het radioverslag van het neestorten van de Hindenburg in Lakehurst op Weblogamorf).

Ik heb de zeppelin altijd een symphatiek vervoermiddel gevonden. Het is traag, milieuvriendelijk, vrijwel geluidloos, en voor een groot deel afhankelijk van de wind. Een vervoermiddel voor mensen die tijd hebben en die van rust en ruimte houden. Het is - in mijn kinderlijke fantasie - ook een beetje een decadent vervoermiddel, want als ik er eentje hoog in de lucht zie zweven, denk ik altijd dat de passagiers achter de ramen van het bakje eronder, zitten te dineren aan mooi gedekte tafels, genietend van het uitzicht, zo nu en dan nippend aan hun glaasje Champagne. De werkelijkheid is ongetwijfeld - ook nu weer - anders.

Een kleine duik in de geschiedenis. In het boek Verborgen verwantschappen van Rudy Kousbroek staat een mooie foto uit 1934. De tijd waarin de zeppelin ‘op zijn hoogtepunt’ (flauw) was.


Op het eerste gezicht is niet helemaal duidelijk wat we zien. Mensen lijken op een lange vliegtuigvleugel te staan, of op een vreemd gevormd dak hoog in de lucht. Het verhaal ‘Vliegende Straatweg’ naast de foto geeft uitsluitsel: we zien passagiers en bemanningsleden op de rug van de ‘Graf Zeppelin’ boven de Atlantische Oceaan. Ze houden zich vast aan touwen. Links op de foto zien we iemand ontspannen zitten, genietend van het uitzicht.

Wat bijzonder: alsof de passagiers even naar buiten gingen om ‘een ommetje’ te maken, of om ‘een frisse neus te halen’, even weg uit dat benauwde bakje. Wat zullen ze hebben genoten van de rust en de ruimte, bovenop ‘de rug’ van die grote, sympathieke luchtsigaar.

• Vlieg mee met een zeppelin: boek een vlucht
• Reportage over de Eureka op weblog sfweekly
• Bestel ‘Verborgen verwantschappen’ van Rudy Kousbroek via Bol.com

zondag 9 augustus 2009

Wildkamperen... in de stad


De makers van de website Enjoy Public Space maken er een sport van om hun tentje neer te zetten op de daken van kantoorgebouwen. Da’s ‘s avonds genieten van de stilte en het uitzicht over de stad. Als je wilt, kun je het leuke lichtgewicht designtentje van ze lenen.

Op Enjoy Public Space staat ook een handig kaartje waarop je kunt zien op welk gebouw ze al een nacht hebben doorgebracht. O ja, huiseigenaren die hun dak ter beschikking willen stellen kunnen zich ook op de site aanmelden.

• Enjoypublicspace

zaterdag 8 augustus 2009

Vader wil naar New York


Vader wil naar New York.

Alleen.

Ik ben er nooit eerder geweest dus het wordt tijd dat ook ík eens een eerste stukje uit de Big Apple ga bijten. Ben bezig met een lijstje van wat ik allemaal wil zien. Zo wil ik o.a. twee middagen naar het MOMA, verheug me daar nu al op.

Een stad maakt moe. Dus ga ik naar het park om uit te rusten na een slentertocht - ah, ja natuurlijk naar het Central Park, maar ook naar dat ‘andere’ park: The High Line. Net open, aangelegd op een oud spoorwegnet, hoog boven het trottoir.

Vroeger denderden er treinen over, sinds kort is het omgetoverd in een groene oase. Geweldig idee om zoiets te behouden en een nieuwe functie te geven.

Eerlijk gezegd vond ik het spoor nóg mooier toen het wild overwoekerd was door gras en nog niet was opgepimpt, (zie de twee onderstaande foto’s), dus zonder voetpaden en bankjes.



Nu is het wel érg aangeharkt en netjes geworden:



Maar goed, terug naar de toekomst, want ik zie mezelf al zitten, lopen, slenteren, lezen, kijken, genieten...

• The High Line

donderdag 6 augustus 2009

Ik ga op reis en neem mee...


Een stapeltje boeken:


Paolo Giordano - De eenzaamheid van de priemgetallen
Iedereen heeft het al gelezen, nu ik nog.


Henny Vrienten - Zwaan kleef aan
Poëziebloemlezing samengesteld door poëzieverslinder Henny Vrienten. Doktersvoorschrift: één maal daags één gedicht, ‘s avonds voor het slapen, mag in combinatie met alcohol worden ingenomen.


J.J. Voskuil - Binnen de huid
Twijfelgevalletje, misschien meer iets voor ‘de donkere dagen’.
Postuum verschenen roman over een vreemdgaande Voskuil (kan me daar - na het lezen van Het - sexloze - Bureau weinig bij voorstellen).


Kurban Said - Ali en Nino
Liefdesgeschiedenis tussen een moslimjongen en een christelijk meisje. Naar men zegt ‘een literaire sensatie’.


Haruki Murakami - Ten zuiden van de grens
Een Murakami mag in de vakantiekoffer niet ontbreken.


Guus Kuijer - Hoe word ik gelukkig
Hoop het te lezen.


Hard Gras 66 - Het Jaar van de Adelaar
Lichte kost over de belangrijkste bijzaak in het leven: voetbal.

woensdag 5 augustus 2009

Opgepimpte omgeving (1): De vrolijke zak

Eigenlijk zie je ze nog maar zelden op straat: vuilniszakken. De meeste buurten in Amsterdam beschikken namelijk over ondergrondse afvalbakken. Je weet wel, die met die kleppen die ‘s avonds en ‘s nachts, wanneer het stil is, zoveel herrie maken.
Anyway, terug naar de vuilniszak. ‘New York based artist Adrian Kondratowicz’ heeft zakken ontworpen met vrolijke kleurtjes: roze met witte-, zwarte- of zelfs gouden balletjes. Die treurige donkergrijze zak is verleden tijd. Van dat beetje vuil op straat worden we met die gekleurde zak in het vervolg vrolijk, want wat ziet dat er grappig uit. Weg met de afvalbak, leve de vrolijke vuilniszak!

Ook te gebruiken als regenpak: misschien iets voor een regenachtige Gay Pride?:

maandag 3 augustus 2009

Brands blogt (al heel lang niet meer)


Wim Brands blogt al heel lang niet meer. Ik was altijd een trouwe bezoeker van zijn blog, las zijn korte stukjes over literatuur, poëzie en beeldende kunst. Maar van de één op de andere dag kwamen er geen nieuwe posts meer bij. Het leek wel of de deuren van één van je favoriete winkeltjes plotseling gesloten bleven. Geen mededeling op een vel papier voor het raam, of andere aankondiging van het vertrek. Alsof de eigenaar zonder opgaaf van redenen met de noorderzon is vertrokken.

En toch loop ik zo nu en dan nog langs, en kijk ik door het raam van de blog naar binnen. Ik lees dan één van mijn favoriete posts: een - volgens mij door Brands zelf vertaald - gedicht van Robert Lax, De Hond, voor deze keer ‘gepikt’ van Brands’ blog.

Ben je een bezoeker, vroeg de hond.

Ja, antwoordde ik.

Slechts een bezoeker, vroeg de hond.

Ja, antwoordde ik.

Neem me dan mee, zei de hond.


• Brands blogt

zaterdag 1 augustus 2009

Ellioth Smith


Elliott Smith, singer-songwriter van het meesterwerk XO. Ik heb XO altijd een vrolijke plaat gevonden terwijl Elliott - dubbel l en dubbel t - zelf niet één van de vrolijkste was, tenminste dat beweert men. Ik moet wel toegeven dat het een vreemde vrolijkheid is. Ik denk dat je het best kunt omschrijven als vrolijkheid waar een soort ‘eenzaamheid’ in doorklinkt. Opgewektheid met een cynisch en soms treurig kantje. Of beter gezegd: vrolijkheid van iemand die zich al verschillende keren heeft bezeerd aan scherpe levensrandjes.

Elliott is niet oud geworden en zijn dood is raadselachtig. De officiële lezing luidt dat hij zelfmoord pleegde door zichzelf twee keer met een mes in de borst te steken. Op zich al een vreemde keuze om jezelf neer te steken als je een eind aan je leven wilt maken, maar het verhaal wordt nog vreemder, want Elliott liet een afscheidsbriefje na waarin hij een spelfout maakte, niet in de tekst maar in zijn eigen naam...

Één van zijn bekendste en ook één van mijn favoriete nummers is Waltz #2. Een ‘opgewekt’ liedje dat wordt voortgestuwd door het ritme van een wals. Ik verdiep me eigenlijk nooit in de tekst van een liedje - meestal valt er geen touw aan vast te knopen of ze zijn zo slecht dat het zonde van de tijd is om ze überhaupt te lezen, maar de laatste zin van het refrein van Waltz #2 vind ik mooi en gaat een beetje met mijn verbeelding aan de haal:

‘I’m never gonna know you now, but I’m gonna love you anyhow’.

Hmm, nogmaals geen idee waar de rest van de tekst over gaat, maar deze zin vind ik mooi. Alsof een onbereikbare liefde wordt geobserveerd. Een eindeloze aanbidding, in stilte en op afstand, onvoorwaardelijk.

Bas Jan Ader


Al surfend over internet kwam ik een filmpje tegen van Bas Jan Ader. De beeldend kunstenaar hangt in het filmpje aan een tak boven een sloot. Dat hij gaat vallen is zeker, alleen het moment waarop dat gebeurt is een verrassing.

We wachten, en weten wat ons te wachten staat. Want we wachten op het onvermijdelijke: een val. En dat besef roept een voelbare spanning op. Het filmpje met de titel Broken Fall (organic) is simpel gemaakt en voor verschillende - diepzinnige - interpretaties vatbaar.

Een ander filmpje van Bas Jan Ader: we zien hem fietsen over een Amsterdamse gracht. Plotseling lijkt hij recht op de gracht af te sturen, en dat doet hij ook. We weten dat hij het water in zal rijden.

Eigenlijk vind ik de foto die op internet rondzwerft van dit videowerk mooier dan het filmpje zelf. Want op de foto kijken we naar het moment waarop we zeker weten dat de fietser het water in zal vallen, het moment waarin duidelijk wordt dat er geen weg terug is. De foto heeft dat moment overduidelijk vastgelegd. Dat plotselinge manouvreren naar de gracht in het filmpje maakt het bewegend beeld minder sterk, het wordt teveel slapstick. We hadden het langer vantevoren - zoals bij Broken Fall (organic) - moeten zien aankomen.

Ook weer een raar levensverhaal dit, van Bas Jan Ader. In 1975 vertrok hij - op 33-jarige leeftijd - in een klein bootje om de Atlantische Oceaan over te steken. Tien maanden later werd het bootje teruggevonden, van de kunstenaar was geen spoor. Nooit meer iets van gehoord, waarschijnlijk verdronken. Hij heeft een klein oeuvre nagelaten, foto’s en korte filmpjes van hooguit een paar minuten...

• Bekijk de filmpjes op BasJanAder.com