maandag 16 juli 2007

De bewegende poëzie van Tonnus Oosterhoff


Op de site van dichter Tonnus Oosterhoff zijn verschillende poëzie-animaties te zien. Een nieuwe animatie met de titel ‘Slaaplied’, verscheen een paar dagen geleden. Het filmpje is een soort woordenballet op muziek van Bach. 
De animaties lijken een wezenlijk onderdeel van het oeuvre van Oosterhoff te worden. De met de VSB Poëzieprijs bekroonde bundel ‘Wij zagen ons in een kleine groep mensen veranderen’ uit 2003 bevatte al een cd-rom met ‘bewegende gedichten’. Critici beschouwden de cd als een soort extraatje bij de bundel. Ik denk dat Tonnus Oosterhoff daar anders over denkt en de animaties ziet als een ‘nieuwe vorm’ voor zijn originele gedichten. 
Wanneer je - net als ik - op de hoogte wilt blijven van nieuwe filmpjes, klik dan op abonneer. Tonnus Oosterhoff stuurt je dan een e-mail wanneer er nieuw werk op zijn site verschijnt.

Slaaplied op de site van Tonnus Oosterhoff

De bewegende poëzie van Tonnus Oosterhoff


Op de site van dichter Tonnus Oosterhoff staan verschillende poëzie-animaties. Een nieuwe animatie met de titel ‘Slaaplied’, verscheen een paar dagen geleden. Het filmpje is een soort woordenballet op muziek van Bach.
De animaties lijken een belangrijk onderdeel van het oeuvre van Oosterhoff. De met de VSB Poëzieprijs bekroonde bundel ‘Wij zagen ons in een kleine groep mensen veranderen’ uit 2003 bevatte al een cd-rom met ‘bewegende gedichten’. Critici beschouwden de cd als een soort extraatje bij de bundel. Ik denk dat Tonnus Oosterhoff daar anders over denkt en de animaties ziet als een ‘nieuwe vorm’ voor zijn originele gedichten.
Wanneer je - net als ik - op de hoogte wilt blijven van nieuwe filmpjes, klik dan op abonneer. Tonnus Oosterhoff stuurt je dan een e-mail wanneer er nieuw werk op zijn site verschijnt.

• Bekijk Slaaplied op de site van Tonnus Oosterhoff

woensdag 11 juli 2007

De YouTube kijkdoos


De leukste filmpjes op You Tube vind ik de opnamen van ‘amateurs’ die een song coveren. Vaak wordt de song verrassend goed vertolkt, soms houterig en vals, slechts een enkele keer is de uitvoering niet om aan te horen. Waarom zijn ze zo leuk om naar te kijken? In de eerste plaats vanwege de goede uitvoering, maar dat is het niet alleen. Het is ook de eenvoud van de opname en het ‘kijkje’ in de huis- of slaapkamer (de plek waar de meeste filmpjes zijn opgenomen) dat fascineert. Door het rechthoekige ‘YouTube- kijkdoosgaatje’ krijgen we een deel van die huiselijke omgeving te zien. Het camerastandpunt blijft tijdens de opname onveranderd, het ‘inkijkje’ blijft dus beperkt, maar het is net genoeg om een indruk te krijgen van de leefomstandigheden van de uitvoerende. Soms zien we een stoel of een deel van een bed. Een enkele keer hangt er een portret of schilderijtje aan de muur. Meer is er vaak niet te zien. Daar, op die plek, wordt vol overgave een liedje gezongen door iemand die waarschijnlijk zelf de knop van de videocamera heeft ingedrukt, zodat wij even mogen meekijken. Er is geen zaal, decor of podium aan te pas gekomen en er heeft geen producer, jury, regisseur, cameraman of styliste aan meegewerkt. Wat een verademing...

Drie covers van het nummer ‘Videotape’ van Radiohead (bekijk de originele opname op Radiohead: Videotape).



woensdag 4 juli 2007


Videotape is een nummer van Radiohead dat (nog) niet op plaat is verschenen. Live wordt het gespeeld door de hele band (ook te zien op YouTube) maar mooier vind ik de uitvoering door Thom Yorke solo, die zichzelf simpel begeleidt op piano. De zanger van Radiohead zullen we nooit voorop zien lopen in de polonaise, dat blijkt ook weer uit deze opname, maar mooie muziek maakt hij wel.
Naar de betekenis van de tekst kan ik alleen maar gissen zoals vaker bij songteksten. De verschillende tekstinterpretaties kun je lezen op de site van songmeanings.

Thom Yorke - Videotape:

Een dag geen aanslag is een dag niet geleefd.


Alleen verkrijgbaar bij Weblogamorf! 
T-shirts met de tekst: 
Een dag geen aanslag is een dag niet geleefd.
Leuk voor in het vliegtuig, de trein, bus of metro!
Alleen in zwart verkrijgbaar in de maten S - M - L of XL.

Bestel ze nu!

maandag 25 juni 2007

Wachten op een vlucht


Terug van vakantie, en weer heel wat uurtjes op vliegvelden doorgebracht. Wachtend. Verloren tijd vinden de meeste reizigers. Ik vind het juist wel een apart moment: tijd waarin je niets anders kunt doen dan wachten. Je blijft noodgedwongen zitten in gate B14 of een gate met een andere science fiction naam. 
Een vertraagde vlucht is helemaal mooi: vertrektijd onbekend, het wachten kan nog wel even duren. Meestal lees ik een boek of zit ik voor me uit te staren. De ‘verloren tijd’ werkt bij mij (maar helaas niet bij alle reizigers) kalmerend. Een ‘berustend’ gevoel dat wordt versterkt door de ‘tijdloosheid’ van een vliegveld. Want het vliegveld is een soort tijdloze ruimte: veel reizigers zijn afkomstig van een plek waar een andere tijd tikt. Na een tussenstop vliegen ze naar een bestemming waar de klok weer voor- of achteruit moet worden gezet. Een prettige desoriëntatie door de wisseling van tijd, met het vliegveld als middelpunt. Ook de anonieme omgeving (de meeste vliegvelden lijken op elkaar) draagt bij aan het gevoel van desoriëntatie.

Iemand voor wie ‘de atmosfeer van het vliegveld’ een bron van inspiratie is geweest, is de muzikant/componist/producent die luistert naar de leuke naam Brian Peter George St. John Le Baptiste De La Salle Eno. Oftewel Brian Eno. In 1978 startte hij zijn project “Discreet Music’ waar ‘Music for Airports’ een onderdeel van is. Electronische muziek waarin ‘zorgvuldig gecreëerde afstandelijkheid en bewuste desoriëntatie essentieel zijn’ (niet mijn woorden maar een citaat uit Oor’s popencyclopedie). De composities zijn bedoeld als een soort ‘niet opdringerige’ achtergrondmuziek, die de sfeer van een omgeving moet ondersteunen en de luisteraar niet mag hinderen. Een tegenpool van die andere achtergrondmuziek, aangeduid met de term muzak die juist wel als hinderlijk wordt ervaren. 

Op ‘Music for Airports’ ontbreekt een opdringerige beat, en de herhaling van ijle synthesizerklanken komt bij sommigen steriel over. Veel gehoorde kritiek op het album is waar: de muziek is soms een beetje saai, er gebeurt weinig, maar rustgevend is ze wel. Het ideale kalmeringsmiddel voor gestresste reizigers op een vliegveld. Ik kan de muziek iedereen die nog vertrekken moet aanraden. Loop rustig naar je gate - mind your step! -, leun achterover in één van de stoelen, luister naar de klanken van Eno en hoop op vertraging...

Music for Airports / Ambient 1: 1/1

woensdag 6 juni 2007

Plaatjes uit de krant: Spencer Tunick en de bourkini


Spencer Tunick
De Amerikaanse blote-mensen-fotograaf Spencer Tunick was deze week in Nederland. Afgelopen zaterdag, 2 juni, deden zo’n tweeduizend mensen mee aan 4 fotosessies op verschillende locaties in Amsterdam. Deze foto - gepubliceerd in NRC Handelsblad - werd gemaakt op de Leliegracht. 
“Zijn beelden zijn een symbool voor vrijheid”, zegt Brigitha (= Jamain Brigitha van de Dream Amsterdam Foundation die Spencer Tunick naar Amsterdam heeft gehaald). “Het is een project dat mensen met elkaar verbindt. Als je alles afgooit, valt je status van je af. Dan geldt alleen nog dat je allemaal mens bent.”


De bourkini
Bovenstaande foto stond in NRC Next van woensdag 6 juni. Moslima’s poseren in de bourkini: een badpak dat enkel gezicht, handen en voeten onbedekt laat. Een citaat uit het artikel: “Het bovenste gedeelte van de bourkini is een wijde tuniek met daaronder een broek of een legging naar keuze. De hoofddoek zit aan de tuniek vast.” Volgens de makers behoudt het badpak in het water zijn vorm. Ook niet geheel onbelangrijk, aangezien het vrouwelijke vormen moet verhullen. De bourkini werkt volgens Hondorp (= de importeur van de bourkini in Nederland) imagoverhogend. “Moslima’s kunnen meer deelnemen aan de maatschappij zonder dat ze hun identiteit verliezen én ze zien er ook nog hartstikke leuk uit.”

maandag 28 mei 2007

Déjà vu bij het zien van Penelope Cruz met een boodschappenkarretje


Penelope Cruz. Mooie naam Penelope. Maar vooral een mooie actrice. Penelope hoort wat mij betreft thuis in het rijtje Brigitte Bardot, Claudia Cardinale en Sophia Loren. Ze speelt de hoofdrol in de Spaanse film ‘Volver’. Een onbelangrijke scene uit de film vond ik het mooist: het fragment waarin ze met een boodschappenkarretje over straat loopt. Wiegende heupen, donker opgestoken haar, mooie donkere ogen, grote ronde oorbellen... Een beeld dat me bekend voorkwam, want je ziet het wel eens wanneer je op vakantie bent ergens in Zuid-Europa. In dorpjes die niet eens op de Franse, Italiaanse of Spaanse kaart staan. Daar, in een straatje dat zindert van de hitte, zie je haar opeens lopen, op weg naar huis. Een beetje ouwelijk gekleed. In een strakke rok net boven de knieen met daarboven een vestje. Met een zware boodschappentas, of anno 2007 druk in gesprek met haar mobieltje. Geluk duurt maar kort want voordat je het weet is ze de hoek omgeslagen en voorgoed verdwenen. Een paar seconden heb je haar gezien: de Claudia Cardinale van ‘Saint Martin’, de Sophia Loren van ‘Villa Bacho’...
Gelukkig duurt Volver langer.

http://www.youtube.com/watch?v=1GFhktH25Yo&feature=player_embedded

zondag 20 mei 2007

Ivo Pogorelich


In de krant een aankondiging zien staan van een concert van Ivo Pogorelich en Gidon Kremer. ‘The Beauty and the Beast’ samen op een podium, zou je bijna denken.
Maar niets is minder waar. Want het voortschrijden van de tijd is ook aan Pogorelich niet voorbijgegaan. Vroeger - zo’n twintig jaar geleden - was het een mooie jongen. Ik werkte in een platenzaak en toen ik een hoes met zijn portret in de etalage hing, stond de volgende ochtend een dikke kusafdruk van lippenstift op de etalageruit. Pogorelich had veel aanbidsters... Bij het schoonmaken van de ruit liet ik de kusafdruk zitten, ik vond het wel mooi die adoratie.
Destijds dacht men nog dat zijn succes iets met zijn uiterlijk te maken had (Zo zie je maar weer dat een aantrekkelijk en knap uiterlijk bij veel mensen wantrouwen, weerstand en agressie oproept). Nu hoor je daar niets meer over, want Pogorelich is een paar kilootjes aangekomen, en van de weelderige haardos is ook al niet veel meer over.
Op YouTube een oude opname van Pogorelich gevonden waar hij de sonate L.366 van Scarlatti speelt.

zondag 6 mei 2007

Sjaak Hubregtse: 31 maart 1944 - 1 mei 2007


In de krant zag ik gisteren (zaterdag 5 mei) het overlijdensbericht van Sjaak Hubregtse staan. Een paar keer heb ik vol ongeloof de tekst gelezen: staat het er echt? Is Sjaak overleden?

Sjaak Hubregtse, ik zie hem weer voor me: een lange man, gekleed in een hoog opgetrokken spijkerbroek (vaak dezelfde) en een katoenen colbertje. Wars van iedere mode. Vertellend over de betekenis van de spin Anansie in de Antilliaanse literatuur, verbaasd kijkend omdat geen enkele student ‘Max Havelaar’ had gelezen, en legendarisch om zijn uitgebreide verzameling plastic tasjes van binnen- en buitenlandse boekwinkels. 
Sjaak gaf les aan de Frederik Muller Academie. Tijdens de vierjarige opleiding voor uitgever, bibliothecaris en documentalist volgde ik bij hem een aantal colleges, de meeste over Nederlandstalige literatuur. Sjaak maakte nooit een gehaaste indruk. Hij sprak ook rustig. Soms wat te rustig, want zijn colleges waren een beetje saai. En dat terwijl hij absoluut bevlogen was. Hij had een passie voor de muziek van Willem Breuker, maar vooral van het werk van Gerard Reve. Tijdens zijn lessen merkte je daar niet zoveel van. Die passie ontdekte ik pas later toen ik - samen met andere studenten - een keer bij hem thuis werd uitgenodigd. Binnen in de gezellige etagewoning vielen direct een aantal statige vitrinekasten op. Achter de glazen deurtjes lagen zeldzame exemplaren van romans en brievenboeken van Gerard Reve. Voornamelijk eerste drukken. Hubregtse was een groot liefhebber van het werk van de volksschrijver. Bij mij was die liefde nog maar net begonnen. Sjaak vertelde dat hij zelfs had gecorrespondeerd met de schrijver maar dat Reve geirriteerd was geraakt en de briefwisseling had beeindigd. Sjaak liet me een brief zien. Een beetje ontsteld vertelde hij dat op de achterkant van de brief een tekst van iemand anders was te lezen, iemand die Reve een brief had geschreven. Het papier was door Reve opnieuw gebruikt. Misschien uit zuinigheid, maar het kan ook uit een soort balorigheid of minachting voor de briefschrijver zijn geweest. In ieder geval kon het Reve niets schelen dat de intieme informatie van de briefschrijver door een andere correspondent kon worden gelezen. Sjaak zei dat hij dit nogal ver vond gaan, maar hij zei het wel met een brede grijns. Sjaak schonk nog een biertje in en legde een plaat van ‘Les Negresses Verts’ op de draaitafel.

Ik begon steeds meer van Reve te lezen. In mijn laatste of één na laatste jaar van de opleiding las ik ‘Brieven aan Simon Carmiggelt.’, een pocket uitgegeven door Veen uitgevers. Tijdens een middagpauze raakte ik weer eens met Hubregtse in gesprek en vertelde hem dat ik het boek met veel plezier had gelezen. Sjaak glimlachte, hij vond het leuk om te horen. Pas nadat ik was afgestudeerd en de Frederik Muller Akademie allang had verlaten ontdekte ik voorin de pocket dat de noten bij de brieven waren verzorgd door... Sjaak Hubregtse. Ik heb het altijd eigenaardig gevonden dat hij me dat toen niet vertelde. Misschien was het bescheidenheid wat hem daarvan weerhield. 

Laatst moest ik weer aan Hubregtse denken toen ik een ‘bootleg’ met gedichten van Reve hoorde. Ik was van plan om een kopie van de cd naar Hubregtse te sturen. Ik wist zeker dat ik hem er veel plezier mee zou doen. Maar zoals vaker met goede voornemens is het er niet van gekomen. De kopie is nooit gemaakt want er waren weer andere dingen te doen, helaas...

Terug naar de krant van gisteren: “Jacobus Cornelis Hubregtse – Sjaak –  geboren op 31 maart 1944 te Middelburg,  overleden op 1 mei 2007 te Amsterdam”. 
Het staat er echt. Hij is maar 63 jaar oud geworden. 
Een lieve lange man.

Afscheid. Gedicht voorgelezen door Gerard Reve van de 
  bootleg-cd  ‘Toch goed dat er een god is’.
  Uit ‘Brieven van een aardappeleter’.

vrijdag 27 april 2007

Melodie in mijn hoofd: Henny Vrienten - Dode dichters almanak


De muziekspeler in mijn hoofd staat weer eens op repeat. Dit keer wakker geworden met de ‘tune’ van  ‘Dode Dichters Almanak’, een wekelijks terugkerend televisieprogramma waarin een overleden dichter uit eigen werk voordraagt. 
De herkenningsmuziek bij het programma is van Henny Vrienten. De muziek werd oorspronkelijk gecomponeerd voor de documentaire ‘Hotel Atonaal’ van Hans Keller over de Vijftigers. Melancholische muziek waar ik geen genoeg van kan krijgen, mooi.

woensdag 25 april 2007

Liszt heeft een pyjamadag


Tsja, soms heb je gewoon geen zin om naar je werk te gaan. Blijf je liever een dagje thuis, even geen gezeik aan je kop. Lekker een dagje in pyjama. Je kunt je het beste meteen ‘s ochtends om negen uur ziek melden: ben je nog niet zo lang wakker en klinkt je stem nog een beetje rauw. De collega die de telefoon opneemt gelooft dan meteen dat je ziek bent. 
Wanneer dat telefoontje eenmaal achter de rug is, wordt je overspoeld door een gelukzalig gevoel. Wat een heerlijk vooruitzicht: een vrije dag ligt aan je voeten. Die lul van de Arbodienst staat toch niet meteen voor de deur, dus geniet je van je vrije tijd. Beetje liggen, beetje lezen, beetje slapen. En... een beetje pianospelen. Lekker in pyjama. Wat zullen we eens spelen? La Campanella van Franz Liszt lijkt me wel wat. Niet het makkelijkste om te spelen. Maar ach, je zit liever te zweten achter de toetsen van je piano dan achter de toetsen van je computer. 
Om daarna terug in bed te duiken...

dinsdag 24 april 2007

Tom America en Jan Hanlo


De pas verschenen cd ‘Nacht’ van Henny Vrienten wil maar niet boeien. De liedjes zijn allemaal in hetzelfde trage tempo van 70 beats per minuut geschreven – wat overeenkomt met een nachtelijke hartslag – waardoor de muziek maar wat voort kabbelt. De hoogtepunten zijn schaars. Vroeger solowerk van Henny Vrienten, met name de cd ‘Mijn hart slaapt nooit’ uit 1991, vond ik leuker. 
Aan de totstandkoming van ‘Nacht’ werkten 11 verschillende songwriters mee. Met ieder afzonderlijk schreef Henny Vrienten een nummer. De bekendste muzikanten met wie Vrienten samenwerkte zijn: Frank Boeien, Def P., Solex, Jan Rot, Henk Hofstede en Boudewijn de Groot. Het is misschien vanwege deze groep uiteenlopende muzikanten dat de cd geen eenheid is geworden. Alleen bij het nummer ‘De Doorgedachte’ van Tom Barman (bekend van Deus) veer ik even op. Een ander lichtpuntje in de langzame en humorloze nacht vind ik ‘Neti / La Noche’ van Tom America. Op het nummer zijn flarden van gesproken tekst te horen. De ondersteunende muziek van Tom America bij de samples zorgt voor een mysterieuze sfeer. 
De naam Tom America zegt velen niets. Ten onrechte want hij is misschien wel de origineelste componist/muzikant van Nederland.

Taal is voor Tom America het uitgangspunt bij zijn composities: het is niet de muziek die eerst ontstaat, maar de tekst die Tom America inspireert tot het componeren van zijn muziek. Jaren geleden nam hij een cd op met gedichten van Jan Hanlo. Die cd, Tjielp Tjielp, werd niet het verwachte en gehoopte commerciële succes. Helaas voor Tom America, hij had het verdiend want de cd is een tijdloos meesterwerk.  
Het moet niet gemakkelijk zijn geweest om muziek te schrijven bij de gevoelige poëzie van Jan Hanlo. De gedichten hebben soms een onregelmatig ritme en ongebruikelijk woordgebruik. 
Uitspraak en toonhoogte van de verschillende woorden hebben de melodie van de liedjes bepaald. De begeleidende muziek van America is fantasievol, subtiel en nergens overheersend waardoor de poëzie van Hanlo in zijn waarde wordt gelaten. De instrumenten waar Tom America gebruik van maakt zijn divers. Naast de gebruikelijke gitaar en drums zijn zo nu en dan strijkers te horen. De vreemde geluidjes – een soort miniatuurmelodietjes, uit de synthesizer getoverd van Tom America – maken de muziek compleet. De 12 nummers op de cd vormen een perfecte muzikale vertaling van Hanlo’s gedichten. Ik kan iedereen die beschikt over een ‘vrolijke en fantasievolle blik’ de muziek aanraden.

Een paar maanden geleden zag ik in een antiquariaat een singletje liggen waarop Jan Hanlo twee van zijn gedichten voordraagt. De geluidsopname zat ooit bij een nummer van het tijdschrift Barbarber. Nieuwsgierig geworden naar de stem van Hanlo zelf, er bestaan maar weinig geluidsopnames van de in 1969 overleden dichter, heb ik het gekocht. Na jarenlang de muzikale vertolking van de gedichten grijsgedraaid te hebben is het wel bijzonder om de dichter zelf te horen. De twee gedichten zijn ‘Waarover zal ik zingen’ en ‘Niet ongelijk’.

Jan Hanlo: Waarover zal ik zingen en Niet ongelijk
• De twee gedichten gezongen door Tom America

zondag 8 april 2007

Passie in huize Van der Laak


In geen enkel ander land is de Matthäus Passion van Bach zo populair als in Nederland. In de week voor Pasen kun je kiezen uit talloze uitvoeringen. Dit jaar leek de ‘meezing Matthäus’ mij wel leuk. De tekst van deze uitvoering is in het Nederlands vertaald door Jan Rot, die het zelf liever een ‘hertaling’ noemt. 
Meezingen met de Matthäus: zelfs Bach ontkomt niet aan popularisering. 

‘Hoewel het geen kleinigheid is wat meneer Bach heeft gedaan’ wordt de cultus in Nederland rond de Matthäus soms wat overdreven. Het leukst werd dit geparodieerd door Kees van Kooten als Cor van der Laak. 
Mijn naam is Cor van der Laak, en wel hierom...*

* Hoe zou het gaan met Cor van der Laak? Wat hebben we om hem moeten lachen. Toen - meer dan 20 jaar geleden - dachten we dat hij iemand was van een uitstervende soort, met zijn pleidooi om ‘oude waardevolle dingen in stand te houden die dreigen te verdwijnen’. Maar nu blijkt dat hij zijn tijd ver vooruit was, en dat we hem beter als trendsetter hadden kunnen bestempelen. ‘Waar is toch die oude VOC-mentaliteit gebleven...’ Cor van der Laak had het gezegd kunnen hebben.

http://www.youtube.com/watch?v=4pSp23Bl8pQ&feature=player_embedded

donderdag 5 april 2007

Column: Groeten uit Friesland


Als stadsbewoner twijfel ik wel eens of dit de beste plek is om te blijven wonen. De stad – en met name Amsterdam – wordt namelijk vaak voorgesteld als het Sodom en Gomorra. En ondanks dat ik uit eigen ervaring weet dat het allemaal wel meevalt vraag ik me soms af of het toch niet beter is om te verkassen. Want hier in de stad schijn je de meeste last te hebben van junks en drugsdealers. Hier in de stad wonen allochtonen van wie sommigen problemen maken. Hier in de stad wordt alles overstemd door lawaai. Hier in de stad schijnt het leven te worden verziekt door criminaliteit. Hier in de stad schijn je de meeste overlast van buren te hebben. Kortom: De stad staat voor alles wat slecht is. 
Dat je daar als volwassene blijft wonen moet je zelf weten, maar dat je dáár je kind laat opgroeien wekt verbazing. Want een kind wil je toch niet aan al die slechte invloeden blootstellen! Moet een ‘onschuldig’ kind tussen al die ellende zijn jeugd doorbrengen? Veel van mijn kennissen – die nota bene zelf zijn geboren en getogen in ‘de stad’ – vinden van niet en vragen, kort nadat ze vader en moeder zijn geworden, asiel aan in dorpen of kleine slaapsteden rond Amsterdam. Waar ze vervolgens terechtkomen in een treurigmakende woning in een suf en benauwend burgertruttenstraatje van een armetierig plaatsje waar geen moer te beleven valt. Een enkeling vindt dit nog niet ver genoeg en emigreert naar Friesland. Want Friesland is de provincie met een eigen trotse cultuur... 
Friesland: waar ieder kindergezichtje een gezonde blos heeft en de frisse wind door blonde haartjes blaast. Waar elk kind veilig buiten speelt en sport en spel enkel onderbreekt om een gezond glas melk in één teug leeg te drinken. Waar men de traditie van fierljeppen en kaatsen nog in ere houdt. Waar men een eigen taal spreekt en fier het eigen volkslied zingt. Hier in Friesland is uw kind veilig. Hier wordt uw kind niet gedwongen om naar een zwarte school te gaan. Hier valt uw blonde dochter niet in handen van allochtone loverboys... Dit is het Walhalla voor ieder blank opgroeiend kindje: het bêste lân fan d’ierde. Het lijkt hier godverdomme het ouwe Zuid-Afrika wel!

Maar schijn bedriegt. Want afgelopen week werden de resultaten gepubliceerd van een onderzoek uitgevoerd door het SGBO, het onderzoeksbureau van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten. En wat is de conclusie? Friesland is de slechtste provincie om op te groeien. 
Een aantal onderzoeksresultaten:
•  Kinderen in het Friese basisonderwijs presteren gemiddeld slechter dan het landelijk gemiddelde;
•  Het aantal kinderen dat een HAVO of VWO-advies krijgt, is gelijk aan het percentage onder allochtone kinderen;
•  De werkloosheid is in Friesland al decennia hoger dan het landelijk gemiddelde;
•  De inkomenspositie van de Friezen ligt gemiddeld 10% lager dan het landelijke cijfer;
•  Er is niet één Friese gemeente, waar het gemiddelde inkomen op het landelijk gemiddelde uitkomt;
•  11 van de 20 armste gemeenten in Nederland zijn Fries;
en last but not least:
•  14 van de 31 Friese gemeenten (= 45%) horen bij de honderd gemeenten met de slechtste omstandigheden om op te groeien;
Kort samengevat: heel Friesland lijkt wel één grote achterstandswijk! 
Een oorzaak voor deze – al decennia lang aanhoudende – ellende is volgens het rapport... die zo vaak geroemde Friese cultuur. Een citaat uit het rapport: ‘Geen werk hebben, niet-succesvol zijn en in een sociale achterstandpositie verkeren is de norm, en daarmee deel van de Friese cultuur, het Frysk eigene. Daardoor ontbreekt de prikkel om aan deze situatie te ontsnappen. Friese jongeren groeien steeds weer op in de sociaal-economische achterstandspositie waarin hun ouders ook opgroeiden. De Friese waarden en normen bestendigen deze sociale reproductie.’ 
Het is dus die veelgeroemde Friese cultuur die kinderen dom houdt! 
Al eerder werd de blanke enclave Volendam ontmaskerd als een vissersdorp waar de jeugd niet op zee, maar met het gezicht boven het witte coke-poeder een frisse neus haalt. En nu blijkt ook het trotse Friesland niet te zijn wat we er altijd van hadden gedacht. Vaders en moeders, twijfel niet, hou uw kind in Amsterdam. Blijf hier! Hier in ‘de grote stad’ valt genoeg te beleven: hier verandert uw kind niet in een gewelddadige alcohol zuipende, xtc slikkende, hersendode hangjongere. 
Die altijd - door iedereen zo leuk gevonden - plattelands nuchterheid lijkt niets anders te zijn dan emotieloze dommigheid. En ze zijn er nog trots op ook! Verhuizen naar Friesland? Nee dank u. Ik blijf liever hier...